Levensliederen om Straatjournaal bij te lezen

Tekst: Paul Lips

In het augustusnummer van Straatjournaal schrijft redacteur Paul Lips over het levenslied. Via de links op deze pagina kunt u ook een aantal pareltjes beluisteren.

Het levenslied mag zich vandaag de dag verheugen op veel belangstelling van een groot publiek. Met drukbezochte Jordaanfestivals, meezingevenementen, smartlappencompetities en Amsterdamse middagen, alsook televisieprogramma’s als Muziek op het Plein lijkt het levenslied niet enkel meer over dramatische gebeurtenissen te gaan, maar vooral ook over het leven en de liefde. In het augustusnummer van het Straatjournaal staat een uitgebreid artikel over het levenslied. Redacteur Paul Lips koos zeven pareltjes uit.

1) ‘Ach Vaderlief’ – Zangeres Zonder Naam

De koningin van het levenslied op haar best in het verhaal van de vader die zijn weekloon zit te verzuipen in de kroeg. ‘Acht vaderlief, toe drink niet meer, ik vroeg het al zo menige keer’. Compleet met een stukje kindermishandeling, want vader duwt de kleine ruw van zich af. Het kind maakt een lelijke smak en dan is ‘het hoofdje bloedend verwond’. Waarna pappie ijlings naar huis terugkeert, moeder de wond laat verbinden, en als donderslag bij heldere hemel inziet dat drank meer kapot maakt dan hem lief is.


2) ‘De Vlieger’ – André Hazes

‘…In z’n ene hand de vlieger, in de andere een brief, ik kon hem niet begrijpen, maar toen zei m’n zoontjelief…’ Langzaam wordt het de vader duidelijk dat zoonlief zijn overleden moeder hevig mist, en haar per brief wil laten weten dat-ie nog steeds van haar houdt, maar vooral: dat-ie niet kan wennen ‘aan die andere vrouw’. Inclusief mooi stukje parlando. Waarschijnlijk zijn we sindsdien met z’n allen ‘me moeder’ gaan zeggen als we het over ‘m’n moeder’ hebben.


3) ‘Manuela’ – Jacques Herb

Uit de koker van Pierre Kartner. Jong stel in auto kijkt elkaar diep in de ogen tijdens een nachtelijke rit. Maar wil je wel even je aandacht op de weg houden, meneertje? De roes van de verliefdheid blijk voor verwarring te zorgen, en de bestuurder rijdt ‘opeens te hard’. ,,Wat heb ik door mijn schuld haar aangedaan’’, vraagt hij zich af, terwijl de trompetten en de stuwende basgitaar het drama tot grote hoogte brengen. Rond minuut drie zit er een tergende stilte, waarna al snel een van de mooiste regels volgt: ‘…de dokters vechten door, ze weten niet waarvoor…’


4) ‘Het Oude Huis’ – Willeke Alberti

Muziek van Teun Eikelboom alias Tonny Eyck, tekst van Gerrit den Braber alias Lodewijk Post. Voormalig bewoonster neemt afscheid van het geliefde huis aan het Floraplein, waar zij opgroeide. Terwijl ze rondwandelt in de kamers hoort ze ‘de ruzies en de feesten’, alsook ‘het kraken van de derde tree’. Mooie en verdrietige herinneringen wisselen elkaar af terwijl de zacht tingelende piano hevig op ons sentiment werkt. Jawel, daar klinken de stemmen van de buren, daar kwispelt hun hondje dat later nog werd overreden. Dat lieve oude huis, waarvan we er allemaal wel eentje kennen. Om te lachen én te janken zo mooi. Want het huis wordt straks gesloopt.


5) ‘De Dievenwagen (& Kleine Vogel) – Tino Martin

Tino op z’n best in het aloude lied (uit de jaren twintig van de vorige eeuw) van de dievenwagen die voorrijdt als er weer eens ergens een schavuit dient te worden afgevoerd. Lach maar niet als je die wagen ziet staan, is het advies. Want als jij geen brood voor je kinderen kunt kopen, dan zul je dat maar moeten stelen. Geschreven in een tijd dat er in grote en kleine steden armoede heerste. Aansluitend het nummer van die kleine vogel die in het raamkozijn komt zitten en speciaal voor de hoofdpersoon een potje gaat zitten fluiten. Dus daar wil Tino wel even ‘die handjes’ bij zien. Met Hans Kap op accordeon.


6) ‘Ik Leef M’n Eigen Leven’ – André Hazes Jr.

Hoofdpersoon kijkt terug op de mooie jaren met nachtelijke feesten, vrienden, de drank en ’geen kruimel meer in huis’. Begrijpt niet waar een ander zich zo druk om maakt, want het is zíjn leven. ‘Ik bemoei me toch ook niet met een ander?’ Oorspronkelijk succes van vader Hazes (inclusief lelijke synthesizers), maar sinds tv-programma ‘De Beste Zangers van Nederland’ een tranentrekker van jewelste. Fijn Spaans gitaartje en ‘nana nana nana naa’ op het eind. Steengoed.


7) ‘100 Jaar’ – Django Wagner

‘Met jou bij mij, dan schijnt altijd de zon’. Zo is het in dit lied, en honderd jaar is natuurlijk véél te kort om de dromen en de sterren te ‘beleven met jou’. Het Barry White-achtige ritme doet de rest. Django Wagner groeide op een muzikale zigeunerfamilie en dat is te horen aan zijn muziek. Geen wanstaltige synths, maar echte Spaanse gitaartjes én accordeons, zoals ook te horen in ‘Ons Café’, het duet dat hij deed met Frans Duijts. Django Wagner treedt veelvuldig solo op, maar is ook regelmatig te zien met het volkszangersgezelschap Echte Vrienden.